07 januari 2010
De tijd staat even stil. Woorden schieten tekort, kunnen niet beschrijven wat wij voelen, kunnen niet beschrijven wat het is om iemand voor altijd te moeten missen.
Foto’s en beelden geven ons dan soms meer houvast.
De dichter Hendrik Marsman schreef ooit eens de beroemde regels:
Denkend aan Holland
Zie ik breede rivieren
Traag door oneindig laagland gaan
En in dat landschap van zware klei, troosteloze verten en miezerige motterend regen zie ik het beeld van een klein opgewekt mannetje dat rijdt op een te grote fiets van het merk Giant.
Dat beeld past bij mijn beleving van Paul. Klein van postuur maar groot in zijn denken en idealen. Idealen van een wereld die hij een beetje rechtvaardiger wilde maken.
Een fietser tegen wil en dank. Weersomstandigheden konden hem niet deren.
Door de regen soms, maar goed dan trok hij een regenpak aan en trapte hij voort.
Tegen de wind in soms, maar dan trapte hij wat harder en trapte hij voort.
Zo was Paul. Als hij het belangrijk vond dan maakte tegenstand hem niet zwakker, maar juist sterker bij tegenwerking ging hij er nog harder tegenaan.
Bescheiden soms zelfs wat introvert bleef hij in het ruwe spel van de politiek altijd overeind. En al werden anderen in hun woordgebruik soms grof of onbehoorlijk zo niet Paul, die altijd op respectvolle wijze omging met iedereen, ook met zijn politieke tegenstanders.
Een aimabel mens, een lieve man met een slechte eigenschap, hij was fan van FC Utrecht.
Een paar weken geleden vroeg hij mij fijntjes hoe ik het vond dat FC Utrecht met 2-0 had gewonnen van Abcoude-Noord. Mijn zure gezicht als echte Ajax-fan maakte hem buitengewoon vrolijk.
Zo midden in het leven en zo vol met plannen. Een nieuwe termijn als wethouder, hij wilde zijn werk afmaken. Druk met het maken van het nieuwe verkiezingsprogramma, druk met straatacties. Vlak voor de Kerst nog een straatactie in de Van Weedestraat. Paul in gesprek met een inwoner van Soest. Zo iemand die overal tegen is en overal complotten ziet en iedereen zakkenvullers vindt. Ik heb het even aangezien en dacht Paul laat toch jongen, maar nee hoor Paul bleef op zijn redelijke manier toch gewoon in gesprek met die man. Dat was Paul.
Paul, de wethouder, de politicus, maar ook Paul de echtgenoot die vreselijk trots was op Ria. Hij vertelde mij na een bezoek aan een Duitse Kerk allerlei details over kerkbogen, pilaren en gebrandschilderde ramen en zei er dan bij: “Ja ik weet er niet zoveel van hoor, maar Ria die doet een studie architectuur en die weet er zoveel van en dan pik je er ook wat van mee. Wat ik dan vooral hoorde was hoe trots hij was op zijn vrouw. Samen kerken bekijken als het wethouderschap geen vervolg zou krijgen dat was het plan.
Het heeft niet zo mogen zijn.
Wat ons rest is proberen door te gaan in jouw geest en daar waar wij kunnen Ria en de kinderen ondersteunen.
Paul je was het sociale gezicht in ons dorp. Je was vriendelijk, sociaal, doelbewust en enorm gedreven om iets te kunnen doen voor de mensen. Beste vriend, kijk en zie al deze mensen die hier zijn. Zij zijn het bewijs dat jouw grote inzet zijn vruchten heeft afgeworpen! Ik weet zeker dat waar je ook bent, dit je goed zal doen. De waardering en het respect voor jou, als mens, partner, vader, vriend, wethouder en oprecht socialist is en zal altijd groot zijn!!
Rust in liefde en vrede...

Daar hoort hij te zitten. En het is nog steeds niet te bevatten dat hij er niet meer zit, nooit meer zal zitten.
We vragen ons af, hoe dat zo heeft kunnen gebeuren, hoe een zo vitaal mens, die zo gezond leefde, zomaar uit ons midden kon worden weggehaald. Vragen over hoe nu verder, vragen, vragen.
Daarvoor zat je hier altijd Paul om vragen te beantwoorden. Vragen van de oppositie, vragen van de coalitiegenoten, vragen van ons en jij, jij had altijd een antwoord.
Ook nu hebben wij vragen Paul en ik snap heus wel dat je ze niet direct kunt beantwoorden, maar we hebben nog wel even tijd, dus je mag het ook wel schriftelijk doen. Op dit moment weten we gewoon even niet hoe we verder moeten.
Binnen de fractie was jij altijd al meer van de reflectie, de man die eerst nadacht voor hij iets zei, de denker, de filosoof. De verruwing in de politiek vond je verschrikkelijk en maakte je verdrietig.
Na een heftige bijeenkomst verzuchtte je eens tegen me: “Natuurlijk heb ik ook niet de wijsheid in pacht, maar ik doe wel mijn best, dus waarom al die agressie”. In het licht van jouw overlijden realiseer ik me nog maar eens hoe relatief dit alles is.
En tegelijkertijd weet ik ook dat we wel verder zullen moeten. Dat we, nu we hier toch zijn, maar moeten proberen er iets van te maken. En dat is ook in lijn met zoals jij in het leven stond. Laten we proberen er iets moois van te maken. Een herinnering van Osman tijdens de fietstocht met de raad naar de Gooische Engen geeft dat treffend weer. Hij reed op een gegeven moment naast Paul en zei tegen hem : " Dit vind jij echt leuk he, zo op de fiets toeren", waarop hij antwoordde: "Jij niet dan? Dit is echt genieten, fietsen door een bosrijk gebied met bijzondere natuurwaarden en genieten van de omgeving.. Ik vind dit heerlijk, ook nog mooi weer, wat wil een mens nog meer!"
Paul de wethouder, een man, die door velen bewonderd zal worden vanwege zijn kennis en inzicht, maar die ik vooral kende door zijn warmte en zijn sociale bewogenheid. Een rustige man, in een fractie van driftkikkertjes. Dat zullen we vooral missen, het evenwicht dat jij bracht in een fractie van opgewonden standjes.
In zijn portefeuille had hij vele zaken. De sport was zijn hobby en het verkeer had absoluut zijn intellectuele interesse, maar de WMO en de sociale hulpverlening, de bijzondere bijstand, daar lag zijn hart. Daarvoor zat hij in de politiek voor die mensen die het om wat voor reden dan ook minder goed hadden getroffen. Ja laten we proberen er iets moois van te maken, maar laten we dan ook niet vergeten dat we dat moois moeten delen met anderen en dat we dat nooit alleen voor onszelf mogen houden. Daarom schreef Paul het verkiezingsprogramma en gaf hij het opnieuw de titel mee: “Iedereen doet mee”.
Paul, de wethouder op de fiets. Een evenwichtskunstenaar, die altijd met een hand fietste omdat hij die ander constant nodig had om te zwaaien naar mensen die hij kende.
Toen ik van de week bij je was Paul, keek ik even in de schuur en ja daar stond hij, je trouwe kameraad, die nu ook zonder jou moet.
Giant
Die reus van een fiets die net als jij zijn laatste reis heeft gemaakt.




